Opa Kossen: 125 kilo en galgen. Die broek kon niet over zijn buik heen, maar moest wel érgens blijven hangen. Vandaar die galgen, als reddingsboei.
Hij trouwde met een vrouw die de naam droeg van Buik, Maartje Buik. Alsof hij aan die 125 kilo nog niet genoeg had. Alsof er nog iets bíj moest.
Opa en oma hadden een visserscafé-hotel in het noordelijke Noord-Hollandse Oudesluis. Dat lag vlakbij Koegras. Om je een idee te geven. Opa bediende ook de draaibrug naast zijn café, verhuurde roeiboten en bezat, tot ons grote genoegen, een motorboot! Beter dan al dat geroei.
Als kind gleden we door de danszaal, gaven voorstellingen op het toneel, genoten van oma’s zelf gemaakte ijs, voeren met opa in de motorboot en rolden van de dijk die ons beschermde tegen het woeste zeewater.
Een paradijs. Tenminste …. voor óns.
In een paradijs worden geen vragen gesteld. Er zijn alleen maar antwoorden. Alles helder. Toch vroeg ik me vaak peinzend af hoe zo’n klein motorbootje dat voor elkaar kreeg: een opa van 125 kilo dragen en niet zinken.
Hoe kan een vliegtuig vliegen? Niemand weet het, toch vliegt het.
Ik vond dat lastige vraagstukken.
Ik ben 10 jaar en met opa in een bootje aan het vissen.
En iedere keer als ik iets fout doe met mijn hengel en de vissen laat opa zien hoe het beter kan.
Ik vraag:
‘Hoe weet u nu iedere keer hoe het wél moet?’
Opa:
‘Er zijn nooit genoeg problemen voor mijn oplossingen.’