78. Dorpsverhaal 56. De kruidenier

Als kind ga je er vanuit dat volwassenen serieus zijn en dat je dat zelf nog moet leren.
Zo kende ik Aris Wagenaar als de serieuze Centra kruidenier van het dorp die, eveneens serieus, was getrouwd met Ries Prins met wie hij twee kinderen had: Ina en Jaap.
Aris kwam oorspronkelijk uit Oterleek, kon goed pianospelen, biljarten en kunstrijden.
Dat was alles wat ik wist van Aris.
Onlangs hoorde ik een ander soort verhaal over deze serieuze dorpskruidenier.
Aris reed in zijn jonge jaren op een motorfiets die om onnaspeurlijke redenen ‘De Slang’ werd genoemd. Het was in die tijd en op die motorfiets dat Aris op zoek ging naar zijn geliefde van dat moment, een zekere Trien, die in Wognum woonde. Aangezien hij daar de weg niet kende, vroeg hij aan een jonge vrouw die net naar buiten kwam naar het adres van Trien. Ze zei:
‘Iets voorbij de brievenbus en wil je dan ook deze brief voor me posten. Niet vergeten, want het is belangrijk.’
Aris stak de brief in de zak van zijn leren jas, maar vervuld van romantische en erotische gedachten was hij dat ‘belangrijk’ al na drie seconden vergeten.
Een paar dagen later vertelde hij zijn vrienden in het dorpscafé vol verve over zijn hevige ontmoeting met Trien. Hierbij schoot hem de brief te binnen die hij vergeten was te posten. Aangezien het een belangrijke brief was, zoals dat meisje had gezegd, besloten de cafégangers de brief open te maken met de stomende tuit van de waterketel.
Inderdaad was het een belangrijke mededeling, want er stond in dat ze zwanger was. Wel met de opbeurende slotzin voor haar geliefde: ‘Hou je haaks.’ Hieraan voegden de stamgasten naadloos toe: ‘Ouwe neuker.’
Na deze toevoeging werd de brief weer dichtgeplakt en ditmaal werd niet vergeten de brief te posten. Want serieus, dat was Aris tóen al.

Een gedachte over “78. Dorpsverhaal 56. De kruidenier

Plaats een reactie