82. Dorpsverhaal 63. Tante Nel

Mijn vader, zijn broer Kees en hun vier oudere zussen Jannie, Nel, Ries en Trien zijn allemaal geboren in een Terdiekse boerderij, op de plek waar enige tijd geleden een Bed & Breakfast zich vestigde.
Aan de overkant van het weggetje bestierde Jo de Weerd zijn kruidenierswinkel naast de langharige hippie Hark Bood met gezin. Tegenover Bood woonde de familie Koster, waarvan Hans Bossen ooit zei dat het net guppen in een aquarium waren. 
Het Koster-voorraam was nogal groot uitgevallen. Vandaar.

Mijn Terdiekse, later Nierupse, later Stompetorense, later Haagse tante Nel overleed enkele jaren geleden, eenennegentig jaar oud.
Mooi woord: overleden. 
Het lijden is over, het leed is geleden. 
Tante Nel was een liefdevolle, mooie vrouw die heerlijk kon lachen. Echter, soms duren levens te lang. Dementie. Wellicht is, naast verdriet en pijn, een van de kenmerken van de dood: opluchting.
Tante Nel was getrouwd met ome Klaas, een soort volledig ABN sprekende Godfried Bomans met bril, pijp, grijs haar en intelligentie. In familieverhalen werd vaak verteld dat ome Klaas in een ‘Commissie van Wijzen’ zat die de regering adviseerde over de internationale handel. Dat maakte indruk op mij. Tijdens verjaarspartijtjes genoot ik als jongen altijd als het gesprek over politiek ging en ome Klaas erbij was.
Op een keer riep een niets vermoedende gast kwaad:
‘Die Partai fan de Arbaid snapt vuzelluf ok hillegaar niks van die arbaiders!’ 
Ongelukkigerwijze zat de man naast ome Klaas. Verwachtingsvol keek ik toe.
Ome Klaas stopte opnieuw zijn pijp, keek de man recht in de ogen en sprak bedachtzaam:
‘Nee, mijn beste, dit klopt niet wat je zegt, de feiten wijzen in een andere richting.’ 
Stilte. De gast slikte. 
Ome Klaas begon daarna een helder pleidooi dat gebaseerd was op échte feiten. 
Dát vond ik het meest geweldige: ome Klaas kende de feiten! De rest ríep maar wat. Net als vroeger en vandaag waren en zijn velen vooral bezig de eigen boosheid en ontevredenheid te richten op iets wat niets met politiek te maken heeft, maar eerder met, ja, met wát eigenlijk? Met wie? Van wanneer?
Ofschoon ik het destijds als jongen niet zo kon verwoorden, leerde ik van ome Klaas het volgende: waar de emotie hoog is, is de feitenkennis laag. 
Met de Terdiekse, Stompetorense, Nierupse en Haagse tante Nel is een twintigste eeuw het graf in gegaan. Mooi dat ze er was, is. 
Én ome Klaas.

Plaats een reactie