140. Poëzie 22. Zonder hén

Zonder hém
had ik niet zo zorgeloos, boosloos, angstloos
deze wijn kunnen drinken

Niet zo heerlijk kunnen leven

Het is 10 juli 1584 dat hij wordt vermoord
voor mij, door mij
voor jou, door jou
door hém

Vandaag leeft Het Plein in Den Haag
waar zijn herinnering staat

Wie zouden wij geweest zijn zonder hém?
Zonder al diegenen die ons voorgingen?

Die met ons zijn, in ons zijn
óns zijn

Naast mij
naast het lieve terras
naast de levensvreugde van vandaag
is het hoofdkwartier van de Duitse Sicherheitsdienst
Seyss Inquart is de man

Wie kent hem nog?

Het is 3 maart 1945
dat zij onze vrienden, hun vijanden
wij
100 meter verderop
onze voorouders vermoorden
een stad vernietigen

Wie zouden wij geweest zijn zonder hén?
Zonder hém?

Bestaat er zoiets als IK?
Een IK die denkt dat hij doet?
Die denkt dat HIJ beslist?

Afijn,
het leven is goed
de druiven zoet

Op de plek
waar iedereen die ik gekend heb
waar iedereen die ik ken
gelukkig was
Waar ik vandaag gelukkig ben.

Gelukkig zijn

Op de plek waar iedereen is vermoord

Plaats een reactie