1.
Toen hij alles had vernietigd
en liefdevol toegelaten,
wat hetzelfde bleek te zijn,
begon het leven te glimlachen
naar iedereen
2.
Tussen twee gedachten ziet hij
geen enkele gedachte meer
En zichzelf
In alles
3.
In het karakter van de mens spreken verschillende stemmen
Aan het eind van zijn leven heeft er één gewonnen
De andere zijn verstomd
4.
Volwassenheid:
Alles raakt hem diep
hij stoort zich aan niets
is volledig betrokken
en doet wat gedaan moet worden
5.
De vrouw komt binnen
Ze is volledig aanwezig
Dat vindt ze genoeg
6.
Hij gaat onbevangen om met alles om hem heen
en verwijlt in een ruimte die onaanraakbaar is
Die hij is
Al voordat hij dacht een ander te zijn
en ver voordat hij kwam.
7.
Spreek pas als spreken vanzelf gaat
Beweeg pas als je bewogen wordt
8.
Hij kende normen en waarden
voelde emoties
doorzag gedachten
En deed er niets mee
Hij had wel wat beters
te zijn
9.
Het leven schreeuwt om vervulling
De mens schreeuwt terug: ‘Ik wil niet!’
Totdat hij niets meer wil
en leven wórdt
10.
Niet-weten
is de hoogste vorm van leven en wijsheid
Het is geen keuze
maar een voortdurend opgeven
dat nooit stopt
11.
Ze probeerde te kijken
en zag niets
Ze probeerde te luisteren
en hoorde niets
Ze gaf het op
en ontving licht en geluid
12.
De ene mens wil gaan zitten
zoekt een zitplaats en zet zich neer
Hij kiest
De andere mens ziet dat een stoel hem roept
en hem onafwendbaar aantrekt
Hij is keuzeloos gewaar, kiest niet, en gaat zitten
13.
Zij vindt een ander altijd beter
dan zichzelf
Ze maakt zichzelf te klein
En ze hoopt dat ze veilig is
Hij vindt een ander altijd slechter
dan zichzelf
Hij maakt zichzelf te groot
En hij hoopt dat hij veilig is
14.
Onze omgeving is ons verlengde lichaam
15.
Onze grootste angst is niet angst voor de dood
Het is angst voor de liefde
Hetgeen hetzelfde is
16.
Iedere angst is uiteindelijk de angst voor het onbekende
En het onbekende is liefde
17.
Het gevoel van zinloosheid is de angst voor dít moment
En volgt op het moment van levend dood zijn
En gaat vooraf aan de herrijzenis uit de dood
18
Hij dacht dat hij altijd bang was voor
de ander
het onbekende
de situatie
de toekomst.
Totdat hij zag
dat hij angst had
voor zijn gevoel
op dit moment
In hem
19.
Toen hij ontdekte dat hij niet bang was voor de ander
maar bang was voor zijn eigen emotie
was hij niet meer bang
20.
De angst die hij nu voelt, is altijd al heel oud
Ouder dan hij
En bekend
Bekender dan hij
Hij hoeft er dus nooit bang voor te zijn
21.
Angst is vastgezette opwinding
22.
De grote levenskunst is om de angst voor het onbekende
te ervaren als de opwinding in de achtbaan
23.
De mediteerder zocht rust
zette haar opwinding vast
en werd bang
Toen de opwinding zich losmaakte
begon ze te leven
en kon de meditatie beginnen
24.
Luidruchtige mensen zijn altijd bang dat ze niet mogen leven
en smeken om erkenning
Bescheiden mensen doen precies hetzelfde in een andere vorm
25.
Als je je eenzaam voelt, betekent dit dat de ander jou heeft.
Hallo Dick,
Bedankt weer voor jouw teksten. Heel fascinerend en ook heel dichtbij. Dat wil ik graag illustreren.
Jij zegt bijâ¦.
22.
De grote levenskunst is om de angst voor het onbekende te ervaren als de opwinding in de achtbaan
En ik zei altijd tegen mijn kinderen als ze voor een attractie als de achtbaan stonden of een salto met mijn hulp âmochtenâ uitvoeren en doodsbenauwd warenâ¦
Dit is niet eng! Dit is leuk! ð
Tot op de dag van vandaag herinneren ze me eraan, haha!
Met vriendelijke groet,
Koos van den IJssel
Diepenheimplantsoen 3
2548RD Den Haag
koosvdijssel@gmail.com
+31651162192
LikeGeliked door 1 persoon
Ah, da’s een mooie, Koos! En mooi dat ze hem nog steeds weten!
LikeLike