184. Ontmoeting 32. In de lift (3)

Van de twee liften in het flatgebouw is er gedurende twee weken slechts een in gebruik in verband met onderhoud. Zo staat keurig vermeld op de duidelijke brief die aan de liftwand hangt, ‘met excuses voor het ongemak.’
Het epistel vervolgt:
‘Op maandag 20 juni, in de loop van de middag, zullen beide liften weer in gebruik kunnen worden genomen.’

Het is maandagmiddag, 20 juni, 13.00 uur.
Ik stap in de lift.

De zuchtende vrouw die er al in staat kijkt me kort aan en zegt met bezorgde stem:
‘Nou, dat schiet niet op met die andere lift, die doet het nog steeds niet, die is vast nog steeds kapot, dat gaat helemaal niet goed zo.’
Ik (tolerant):
‘Kijk, op het briefje hier staat dat beide liften in de loop van deze middag gereed zullen zijn. Het is nu 13.00 uur. Ze hebben dus nog enkele uren de tijd.’
Zij (hogere stem nu):
‘Volgens mij gaat het helemaal fout. Die andere lift doet het nog steeds niet. Er gaat vast iets mis.’
Ik: ‘Waarom denkt u dat er iets mis gaat?’
Zij: ‘Ik weet niet, ik vertrouw het niet, er gaat zo vaak iets mis hier. Je kunt nergens meer op rekenen tegenwoordig in dit land.’

We komen beneden aan en stappen uit.
Een liftmonteur is bezig met de andere lift.

Ik vraag: ‘Lukt het allemaal? Liggen jullie op schema?’
Hij: ‘Jazeker, meneer, vóór 15.00 uur vanmiddag zijn we al klaar. Nog eerder dan gepland.’
De vrouw kijkt toe en hoort aan.
Ik: ‘Ziet u, mevrouw, de liften zijn vanmiddag al klaar. Goed, hè!’
Ze slaakt een diepe zucht en zwijgt bedrukt.
En met gebogen schouders en schuddend hoofd vervolgt ze traag sloffend haar eeuwigdurende levensweg.

Plaats een reactie