In het gebruik van de vrijheid van meningsuiting is enige verwarring geslopen.
We dienen twee zaken helder te onderscheiden.
1.
Het openbare debat.
Deze ruimte is bedoeld om op basis van rationele argumenten de persoon met een andere mening te overtuigen van jouw betere argumentatie.
Hiervoor zijn een paar voorwaarden belangrijk:
– diep luisteren
– goed nadenken
– helder redeneren en argumenteren
– inlevingsvermogen
– respectvol spreken
– het bijstellen van je eigen mening bij voortschrijdend inzicht.
Het algemene uitgangspunt hiervoor is :
* Hard op de inhoud.
* Zacht voor de persoon.
Het debat moet aan beide kanten tot dieper en scherper inzicht leiden.
De beide partijen staan dus zowel tegenover elkaar als helpen elkaar, aangezien men hetzelfde gemeenschappelijke doel heeft : meer feitenkennis, dieper inzicht, beter resultaat.
De aan de buitenkant zichtbare meningenstrijd is daarom op dieper niveau een samenwerking om elkaar te helpen een hoger doel te bereiken of tot een zo goed mogelijk resultaat te komen dat de maatschappij ten goede komt.
Samenwerking is dus het wezenlijke in het publieke debat.
Samenwerking op het scherpst van de snede en in het uitdagen van elkaar, hetgeen in wezen het uitdagen van jezelf is met de bedoeling het beste in jezelf naar boven te halen in dit debat.
Wat aan de oppervlakte concurrentie lijkt is in feite een samenwerkende strijd om de kwaliteit van jezelf, de ander en de wereld te vergroten.
2.
De behandelkamer van de therapeut.
Deze ruimte is o.a. bedoeld om periodiek terugkerende traumatische stoornissen te behandelen.
Hier kunnen agressieve uitbarstingen (die veelal stammen uit de kindertijd en geprojecteerd worden op het heden) van onverwerkte woede en haat worden behandeld, zoals daar zijn:
‘vuile kutnegers’, ‘teringmoslims’, ‘minder, minder, minder’, ‘iedere vluchteling is een terrorist’, ‘rot op naar je eigen land’, ‘alle joden aan het gas’, ‘je moeder is een hoer’, ‘er komen tribunalen’, ‘Delft voor de Delftenaren’, ‘Kaag is een heks’, ‘Timmermans is een vuile hielenlikker’, ‘Rutte moet dood’.
In Nederland zijn we inmiddels zo ver dat de gemiddelde Hollander geen onderscheid meer ziet tussen 1 en 2.
Het leek me daarom handig hier enige duidelijkheid in te scheppen.