De nieuwe stuurman was aan de Universiteit van Leiden gepromoveerd op de platworm, dus dat hij met zijn nieuwe schip en bemanning tegen de stroom van de rivier in begon te varen, was een teken van grote hoop, lef en trots.
Boven op het dek hief de stuurman manmoedig zijn vuist naar het aan de kant staande volk en riep heldhaftig over hoop, lef en trots, terwijl de schroeven van het schip harder begonnen te draaien om de sterke tegenstroom te overwinnen.
Het stilstaande, achtergelaten en uitwuivende volk raakte al snel uit het zicht, dus richtte de stuurman zich tot de bemanning die hem hoopvol aanstaarde, wachtend op nieuwe orders.
Op het moment dat de stuurman zijn grote speech tot zijn afwachtende bemanning wilde beginnen, begon het schip dusdanig hard te kraken, de schroeven luid te schuren en de motoren dermate oorverdovend te bulderen dat de stuurman zich niet meer verstaanbaar kon maken naar zijn bemanning die radeloos iets probeerde op te pikken van de ongetwijfeld vlammende speech van de stuurman die hun zou vertellen wat ze moesten doen, terwijl de rivier de andere kant op bleef stromen dan de richting waarin het schip voer.
Toen gebeurde wat iedereen in het geheim altijd al had geweten, maar niemand ooit had durven zeggen, want wie gaat er nou in tegen een stuurman die gepromoveerd is op de platworm?
De schroeven liepen vast, de motoren begaven het en het schip scheurde in vier stukken. De bemanning viel in het snel stromende rivierwater en werd meegezogen naar het punt waar hun reis zo hoopvol, vol lef en boordevol trots was begonnen.
Bij het beginpunt was het verlaten volk inmiddels vertrokken, zodat er voor de bijna verdronken bemanning niets anders opzat dan zelf drijfnat en uitgeput aan land te klimmen, waar ze allen moedeloos en snikkend bleven liggen.
Totdat de stuurman, die afgestudeerd was op de platworm, opstond en zijn vinger priemend richtte op de rivier die al eeuwenlang richting de oceaan stroomde.
En hij schreeuwde:
‘HET IS ZIJN SCHULD!
HIJ HEEFT HET GEDAAN!’
De bemanning ontwaakte, stond op, kreeg nieuwe moed en riep hun stuurman na:
‘JAA! HET IS ZIJN SCHULD!
HIJ HEEFT HET GEDAAN!’
Door het oorverdovende geschreeuw kwam het achtergelaten en weggelopen volk weer terug bij het beginpunt, hoorde de kreten, zagen de fout stromende rivier en riepen :
JAA! HET IS ZIJN SCHULD!
HIJ HEEFT HET GEDAAN!’
Nu het volk en de bemanning wederom op één lijn zaten en elkaar versterkten, bracht het volk al snel enthousiast geld bijeen om een nieuw schip met nóg sterkere schroeven, nóg krachtigere motoren en nóg harder materiaal te bouwen.
Toen eenmaal het nieuwe, nóg grotere schip gereed was om te water te worden gelaten, liepen nóg gespierdere, nóg harder schreeuwende bemanningsleden het schip op waar de oude stuurman hen vol hoop, lef en trots opwachtte alvorens hij zijn nóg krachtigere speech zou houden.
Terwijl de enorme motoren op volle toeren draaiden, de reusachtige schroeven ratelend draaiden en het grote schip niets ontziend tegen de eeuwige stroom van de rivier opvoer, wuifde en juichte het achterblijvende volk dat zo genereus had bijgedragen aan de bouw van het schip, het kiezen van de bemanning en het salaris van de stuurman die gepromoveerd was op de platworm.
Op het moment dat de stuurman zijn nóg langere speech tot zijn nóg afwachtendere bemanning zou houden, stroomde de rivier kalm naar de zee die de stroom welkom ontving in haar oneindige armen, terwijl de wrakstukken van het vernietigde schip bij het beginpunt wederom bijeen werden geraapt door het toegesnelde, verlaten volk waar de bijna verdronken bemanningsleden schreeuwden dat zij het schip en de verdwenen stuurman nooit en nergens hadden gezien. En dat zij van niets hadden geweten.
Voordat zij snelden naar donkere holen in verre verten verklaarden zij in hun slotcommuniqué dat de rivier de schuldige was van alles wat tegen hun diepste verlangens inging.
En tegen die van het achtergelaten volk.
Hùn volk.
‘DOOD AAN DE RIVIER!’
Scandeerde het volk.
Het achtergebleven volk dat zo vol hoop, lef en trots had bijgedragen aan alle vernietigde schepen van alle tijden die tegen de eeuwige stroom van de foute rivier waren ingevaren.
Gelukkig is deze prachtige vertelling maar een sprookje ! En met onze nieuwe stuurman komt alles toch nog Dick voorelkaar!
LikeLike
Haha! Er is hier NIETS aan de hand. Gaat u rustig slapen … 🙂
LikeLike