WAT VOORAF GING
Toen de emancipatie van de vrouw vanaf de jaren ‘60 langzaam op gang kwam, begon de vrouw ook te knagen aan het zelfbeeld van de man, want de man voldeed niet. Hij was niet goed genoeg.
Bovendien ontdekten vrouwen dat alles wat ons wordt voorgeschoteld aan wijsheid, cultuur, ideeëngoed, godsdienst, politiek, geschiedenis, in feite mannenwijsheid, mannen-cultuur, mannen-godsdienst is.
Eeuwenlang stelden mannen criteria op voor de vrouw:
Ze moet lief zijn, bereidwillig, mooi, zorgzaam, een goede moeder, niet teveel praten, zich voegen.
Onder invloed van het feminisme stelden vrouwen ook eisen aan mannen. Maar als vrouwen het over mannen hebben, gaat het vooral om wat mannen NIET moeten doen:
niet oorlog voeren,
niet verkrachten,
de aarde niet verpesten door een ver doorgevoerde technologie,
niet overheersen in het persoonlijke, het verbale en het politieke,
vrouwen niet onderdrukken
en
niet zo gericht zijn op snel succes in te veel bedden.
De man die de moeite neemt hiernaar te luisteren, raakt in verwarring. Hij excuseert zich voor zijn ‘maar een man’-zijn. Wat moet en mag hij dan wél ? Kortom: wat is de mannelijke identiteit?
Die is natuurlijk al eeuwenlang, sinds het ontstaan van mannen, bekend, maar de moderne man is hem kwijtgeraakt en vrouwen kunnen hem niet helpen.
Laten we deze mannelijke identiteit eens blootleggen aan de hand van een sprookje van Grimm.
IJZEREN HANS
In het bos hebben de jagers van de koning een diepe poel leeg geschept en op de bodem van de poel een behaarde wildeman gevonden. De wildeman wordt in een kooi op de binnenplaats van het kasteel vastgezet.
Op een dag komt de gouden bal van de jonge koningszoon in de kooi van de wildeman terecht. De jongen moet de sleutel van de kooi onder het kussen van zijn moeder vandaan halen, dan pas krijgt hij zijn gouden bal terug. Met die sleutel bevrijdt hij de wildeman uit zijn kooi en de wildeman neemt de jongen mee, het bos in in.
Hierna begint de inwijding als man voor de jongen door de wildeman in de wildernis van het leven.
WAT BETEKENT DIT?
Dat volwassen mannen de poel van hun ziel tot op de bodem leeg scheppen, waarna ze hun eigen wildeman, nat en behaard, zullen vinden. Die wijst hun de weg.
Echter, voor ze het wilde levenswoud in kunnen, moeten ze zich als jongen eerst losmaken van hun moeder. Jongens kunnen het man-zijn namelijk niet van hun moeder leren, maar alleen van een andere man.
Dit gaat mis als de mentor er niet op uit is zijn pupil naar diens eigen ziel en vrijheid te voeren, maar naar iets anders, een ideologie bijvoorbeeld, een patroon, hem te temmen en te binden.
Zo zien we dit bijvoorbeeld volledig spaak lopen bij scheefgegroeide mannengroepen als de Hells Angels en voetbal hooligans, maar ook bij de softe mannengroepen van de New Age en andere spiritueel bedoelde bewegingen.
Ook binnen kerken zijn mannelijke monniken niet bepaald de juiste mentoren voor hun jongenspupillen, zo weten we uit de vreselijke misbruikverhalen van de laatste jaren.
Het kan anders. Een voorbeeld:
Bij sommige ‘primitieve’ volken vinden we initiatieriten, waarbij een jongen op tienjarige leeftijd door oudere mannen wordt ontvoerd en ingewijd in de mannenwereld.
DE VROUW EN JUF ALS OPVOEDERS
Het bezwaar van de vrouw als enige opvoeder van een jongen is dat moeders de mannelijke agressie teveel willen indammen. Ze zijn er bang voor.
Dit zien we ook als desastreus verschijnsel in het onderwijs waar energieke jongens door zachte vrouwen worden benaderd waardoor hun agressie wordt ingedamd door de juf, de jongen geen kant uit kan en hierdoor alleen maar agressiever wordt, wat hij en zijn zachte juf vervolgens niet begrijpen.
Het lijkt dan net alsof de jongen het probleem is, terwijl het werkelijke probleem in het feit ligt dat de jongen geen wildeman als mentor naast zich heeft die hem begrijpt en laat zien wie hij is. En die hem laat zien hoe hij met zijn mannelijke agressie moet omgaan. De agressie waar de lieve juf zo bang van is en dus veroordeelt. ‘Zit stil!’ ‘Houd je mond!’
Het gevolg van deze vrouwelijke benadering voor jongens is: identiteitscrisis met opgekropte agressie. De jongen weet niet meer wie hij is. Hij weet niet wat het is om man te zijn. Hij is ingedamd. Met alle gevolgen van dien voor zijn latere verhouding tot vrouwen en tot de maatschappij als geheel.
Moeders thuis en juffen op school willen van hun zonen en leerlingen zachtaardige vrouw-mannen maken. Dit werkt volledig averechts.
Het resultaat is:
De zachtman, de aangepaste, getemde zoon van de New Age-beweging en de urenlang stilzittende leerling in het onderwijs.
Terwijl, vrouwen houden helemaal niet van zachtmannen, hoewel ze de agressie bij hun zonen bestrijden. Bovendien zullen zachtmannen zelf, als ze eerlijk zijn, toegeven dat ze ergens zijn blijven steken.
MANNELIJKE AGRESSIE
Mannen en vrouwen dienen daarom het taboe op de agressie te doorbreken. Een mens is nu eenmaal agressief en dat is prachtig. Het bewust uiten van agressie is zelfs noodzakelijk om tot een evenwichtige volwassen man te kunnen uitgroeien die zijn leven zélf vorm geeft en zijn eigen gebied kan verdedigen. En niet met de armen slap langs het lijf toekijkt hoe alles hem ontstolen wordt of die met zijn eeuwige ‘je hebt gelijk’ zijn boze vrouw nog furieuzer maakt.
Om het in mythische, universele, symbolische taal te zeggen:
Een man moet als jongen eerst door het rode stadium heen gaan, door de agressieve, jeugdige overmoed, de vurige boosheid.
Pas daarna kan hij als man ‘het witte paard berijden’, oftewel, strijden voor de goede zaak.
Vervolgens bestijgt hij een zwart paard: de verdieping, de humor in het aangezicht van de dood.
Vrouwen zullen hun uiterste best doen, hun jongens het rode stadium te laten overslaan en ze zo snel mogelijk tot een witte ridder te maken. Hier gaat het mis, aangezien de bange moeder en de zachte juf het mannelijke, brandende, agressieve vuur in haar zoon en leerling proberen te doven.
AFWEZIGE VADERS, VERLOREN ZONEN
Er is te weinig vader in onze maatschappij.
De afwezigheid van de moderne vader, die ’s ochtends vroeg het huis verlaat om met een wit boord om ergens ver weg iets onduidelijks met computers te doen, die afwezigheid maakt van jongens stuurloze wezens die met onbeheerste agressie abri’s en vrouwenlijven schenden. Of een kaars tussen hun benen stoppen.
Vaders horen bij hun zonen te zijn, ze te laten zien wat man zijn is en de nadruk te leggen op de gouden schat van de mannelijke agressie, de ruwe en ook seksuele energie dat typisch is voor mannen.
Mannen hebben de sterke behoefte hun adrenaline te laten stromen, zich af te matten, elkaar uit te dagen en te grazen nemen (wat vrouwen maar moeilijk snappen en daarom veroordelen of giechelend, schaamtevol weglachen) en vooral: een heftige drang om te neuken, een ogenschijnlijk volstrekt irrationele behoefte.
Kortom, mannen hebben een bepaald soort krachtige, penetrerende, actieve energie, die een van de grondslagen van de mannelijke identiteit vormt. Vandaar dat iedere man zich herkent in de god Phallos met trots geheven roede.
Dit is dus het tegenovergestelde van de aangepaste man, de vrouw ‘pleasende’ en stofzuigende man. Om het iets anders te verwoorden: Een man moet door de steppen stuiven, niet keurig op tijd aan tafel aanschuiven, aangezien hij zich dan laat overbluffen door het feminisme.
Er is een kolossaal verschil tussen man en vrouw. Mannen spreken ook een andere taal dan vrouwen die zich tevens uit in een voor vrouwen onbegrijpelijke, absurde, mannelijke humor.
Deze tegenstelling is geweldig en barst van de agressieve, levenscheppende energie, zolang we die tegenstellingen en verschillen maar niet proberen weg te poetsen, ontkennen of verzachten.
Het diepgaand leren kennen en de totale aanvaarding van mannelijke agressie is de sleutel. Dan kunnen we namelijk de beheerste, bewust gemaakte agressie ontdekken die bergen verzet en die staat tegenover de blinde agressie van bange mannen die vrouwelijke levens vernielen, omdat deze mannen hun ziel niet tot op de bodem hebben leeg geschept.
CONCLUSIE
De identiteit van de man ligt niet bij de stofzuigende softie en de New Age-man.
De mannelijke identiteit ligt ook niet bij de macho, de schietende Rambo, hooligan, ongeremde agressieveling of kaarsen tussen vrouwenbenen stekende zuiper.
Er is een derde weg.
Het is de oeroude wildeman in de jongen en in de man die hem de weg wijst naar zijn natte, behaarde, agressieve wezen en oermannelijke oorsprong. Deze weg moet door mannen gedaan en door andere mannen, vaders en levensmentoren begeleid en geleid worden.
Hierdoor zal de jongen niet alleen zijn eigen unieke mannenweg vinden, maar tevens ontdekken dat hij zowel naast als tegenover het meisje en later de vrouw gaat staan.
Deze wilde en bewuste, mannelijke levenshouding geeft een eeuwenoude én totaal nieuwe dynamiek aan de huidige verhouding man – vrouw die zowel mannen als vrouwen én de opvoeding en het onderwijs zo gigantisch hard nodig hebben.
Gebruiken we onze natuurlijke agressie niet of niet bewust dan blijven we de zwakke, vrouwonvriendelijke en gewelddadige samenleving voortzetten die we heden ten dage zélf gemaakt hebben. En zélf zijn.

Leuk
Opmerking plaatsen
Delen