321. Machtsovername. Wanneer Alzheimer de hand schudt van de fascist

De geschiedenis gister, vandaag en morgen.

GISTER
In januari 1933 besluit de doodvermoeide Rijkspresident van Duitsland, Paul von Hindenburg, Adolf Hitler tot kanselier te benoemen. Tegen zijn zin schudt hij Hitler de hand en dan gebeurt het onwerkelijke : Het democratische Duitsland wordt in twee weken tijd een dictatuur.
14 dagen …
Von Hindenburg leed aan Alzheimer en dementie toen hij de Duitse macht overdroeg aan Hitler en hij wist niet precies meer wat er om hem heen gebeurde.

VANDAAG EN MORGEN
Op 20 januari 2025 zal Donald Trump worden beëdigd als president van het machtigste land ter wereld. En zal hij binnen twee weken de Amerikaanse dictatuur stichten. Met volledig toestemming van het Amerikaanse volk. De voorbereidingen voor deze machtsovername zijn al jaren aan de gang, net zoals dat in Duitsland het geval was vóór de machtsovername in 1933.

De PVV staat vandaag op 40 zetels in de peilingen, vooral door het feit dat de huidige regering het parlement buiten spel wil zetten teneinde van Nederland een ‘zuiver’ volk te maken.
Ook de PVV verlangt naar de dictatuur en zal de toestemming hiervoor krijgen van een groot deel van het Nederlandse volk.

Zou het kunnen
– Dat Nederland lijdt aan historische en actuele dementie? Dat we niet precies meer begrijpen wat er nou echt om ons heen gebeurt, zoals ook met von Hindenburg en het Duitse volk het geval was?
– Dat wij vergeten hoe lang wij hebben gevochten voor onze democratie en vrijheid?
– Dat wij in slaap zijn gevallen?
Opdat demonen vrij spel krijgen om onze plaatsen in te nemen?

‘Father, forgive them. They don’t know what they are doing.’

Dit zei ooit de eerste echte democraat ter wereld.
Hiervoor werd hij aan het kruis genageld.
Over zijn wederopstanding twijfelt men.
Over de bloedige vervolgingen daarna niet.

318. De stille dans

Wanneer de avond fluisterend valt
kleden de bomen zich uit
om hun naaktheid te tonen. 

En wuivend te zwijgen.

Naakt dansen doe je in stilte.
Wanneer de ondergaande zon 
je huiden streelt,
en je naakte takken
het heelal omarmen. 

In de tijdloze tijd 
waar Schoonheid haar troon bestijgt. 

En waar blote bomen bewegingsloos dansen in het niets.

317. Transformatie

Als je de verwachte liefde
van de ander niet krijgt,
en je geeft
die nooit gekregen liefde
aan jezelf,
dan is dit de liefde die je écht zocht,
die altijd al in je zat,
die je altijd al was.

En die jou verlost.

Dwars door alle muren, modder en sterven heen. 

316. Populisme. En de de roep om geborgenheid.

Oké.
Het volk, wij, is dus bang.
Zo verneem ik.
Waarvoor bang?
Voor Chaos en Vernietiging.
Hoe kunnen we chaos en vernietiging voorkomen?
Door orde en geborgenheid.
Wie kan dit bieden?
De sterke leider die ‘het volk’ samenbrengt.
Zie hier het basisverhaal van het populisme, vertegenwoordigd door o.a. Orban, Wilders, Trump, Poetin, en alle dictators uit heden en verleden.

ONTEVREDENHEID EN HAAT
Wat populisten niet vermelden is hun politieke instrument:
Ontevredenheid aanwakkeren
en
Haat zaaien.
Dit instrument van ontevredenheid en haat is nodig om steeds extremere maatregelen te nemen, met als ultiem doel : de democratische rechtsstaat uitschakelen.
De bedoeling hiervan is dat andere meningen buiten de wet worden geplaatst en minderheden niet meer meetellen of weg moeten. Of dood. Hierna kan Het Grote Ideaal in werking gesteld worden : Één volk. Eén partij. Eén leider.

Hoplaa!
Weg chaos!
Weg onveiligheid!
Weg angst!

HET SPROOKJE
Als kindersprookje zou je dit als vader graag aan je kinderen kunnen voorlezen vóór het slapen gaan. In dit geval is de vader zélf natuurlijk de sterke leider die het kind gaat redden van de chaos.
‘I’m a poor lonesome cowboy
and a long way from home.’
Lucky Luke in Nederland.

Nou zien we vandaag de dag het ietwat wonderlijke verschijnsel dat in uiterlijke leeftijd volwassen mensen heilig geloven in dit kindersprookje voor 4-jarigen.
En net als vroeger, tijdens die andere sprookjes van de Kruistochten, de Inquisitie, het nazisme, enz. zijn ze bereid hiervoor niet alleen te stemmen, maar zelfs enthousiast en fanatiek te schelden, te vechten. En te moorden.

Hoe kan dit?

DE ROL VAN ONZE HERSENEN
Gewelddadige sprookjes appelleren aan onze hypothalamus, aan dat deel in onze hersenen dat veiligheid zoekt en constant in de overlevingsstand staat, omdat het bang is aangevallen en vernietigd te worden. En te vervallen in chaos.
Dit deel van onze hersenen wordt ook wel ‘het reptielenbrein’ genoemd en is al honderden miljoenen jaren oud, uit de tijd toen de eerste slijkbeesten vanuit het water aan land kwamen.
Het deel van onze hersenen dat rationeel en intelligent denkt, heet ‘de neocortex’.
Dit is slechts een paar honderdduizend jaar oud en nog steeds in ontwikkeling.
In veilige omstandigheden functioneert de neocortex op haar best. Zo zijn ook wetenschap, technologie en democratie ontstaan.
Wanneer we onze neocortex op een vaardige wijze gebruiken zijn ons denken, voelen en handelen het met elkaar eens.
Een goed gebruik van de neocortex betekent dus ook dat pijnlijke gebeurtenissen uit het verleden bewust zijn gemaakt en emotioneel verwerkt, zodat dit niet meer in de weg staat om een zinvol leven te leiden. We leven dan voluit in plaats van bang te overleven.

KROKODIL OF MENS?
In onveilige omstandigheden hebben onze hersenen de neiging de neocortex naar de achtergrond te schuiven en de hypothalamus naar de voorgrond.
De krokodil in ons houdt niet van onderwijs, wetenschap en democratie.
Het noemt dit elitair.
Oftewel, het bange overlevingsinstinct van het reptiel neemt de leiding over in ons en het verstandige, intelligente denken van de wetenschapper en democraat in ons leggen we het zwijgen op.
Velen van ons kennen dit verschijnsel, nietwaar?
Soms zijn we even reptiel.
We maken dan nutteloos ruzie, veroorzaken conflict, laten ons meeslepen door onze emoties, vluchten of vechten, vinden onszelf belangrijker of beter dan de ander, roepen een asielcrisis uit die niet bestaat, enz.
En soms zijn we moderne, rationele, intelligente mensen die verstandig en wijs spreken en handelen, die empathie hebben voor onze medemens, en zorg dragen voor onze omgeving en planeet.

BEWUSTZIJN
Het criterium zit hier in het bewustzijnsniveau in het individu.
Dit uit zich in de mate waarin het individu volwassen en verantwoordelijk deelneemt aan de samenleving.
Kort gezegd:
Het reptiel in ons dat leeft vanuit de hypothalamus sluit zich af en denkt alleen aan zijn eigen overleving. De ander is per definitie een bedreiging en dient met wantrouwen behandeld te worden. Of buitengesloten.
De volwassen en verantwoordelijke mens die zijn neocortex gebruikt, opent zich naar de wereld en zet zich in voor het welzijn van zichzelf, zijn medemensen, zijn omgeving en de planeet.

DE VRIJE KEUZE
Ieder mens heeft dus een vrije keuze hierin.
Kies je voor je reptielenbrein?
Of kies je voor je neocortexbrein?

Nog een vraag:
Heb je dit stuk gelezen met je reptielenbrein?
Of met je neocortex?

Het blijkt dat als mensen iets lezen met hun reptielenbrein ze alleen maar de bevestiging zoeken van hun mening die ze toch al hadden, en alles verwerpen wat niet overeenkomt met hun mening.

Afijn.
Zo gaan die dingen dus.

315. De dag dat jij werd geboren

Op de dag dat jij werd geboren
kwamen de engelen bij elkaar
en besloten dat jouw dromen
jouw leven zouden worden.

Zo ging je op pad.
In de droom die jij werd.

Eeuwenlang bloeiden de mooiste bloemen.
Schenen de helderste zonnen.
Omarmden de warmste zielen jouw wezen.
Trilde de mooiste muziek
die jouw droom kon bevatten
met en in jou mee.

Liever, mooier, dieper kon een droom niet zijn.
Wist je.
Wist je voordat je dromen denken werd.
Wist je ver voordat je dacht dat je vlees werd.

Dan,
trekt een kille ijzeren hand jou de onderwereld in.
Waar jij duisternis wordt.
Waar monsters, slangen en draken jou neerslaan en wurgen.
Waar hoop verdrinkt en waar toekomst niet bestaat.

Waar alles verloren is.
Waar alles stopt.
In deze donkere duisternis.
In deze alles vernietigende dood.
Waar geen hoop bestaat.

Het is precies hier,
waar de rode draad jouw wanhopige oog ziet.
Die jouw zwarte hand naar haar lichte droom trekt.
Die voor jou is gezongen,
en geweven,
vanaf het begin der tijden.

Het is de rode draad van jouw droom.
Die jou maakt tot wie jij bent.
Die jij bent.
Onder, op, boven, in deze aarde.

De rode draad,
die innig verweven is met de tijd, en de eeuwigheid,
tilt en trekt jouw droom naar de bovenwereld.
Waar je na je donkere sterven
weer wandelt door de mooiste bloemen.
Onder de helderste zonnen.
Met de warmste zielen.
In de mooiste muziek
die jouw droom kan bevatten.

De droom
die jou nu niets meer zegt.
Die niets meer betekent.
Voor jou die uit je droom is gestapt.
Die weet
dat je altijd Geluk bent.

En die weet
dat Geluk je enige werkelijkheid is.

314. Het wezen van competitie en concurrentie. Een pleidooi voor strijd.

Wanneer een (top)sporter de snelste, beste, hoogste, sterkste is van het deelnemersveld dan juicht hij.

Waarom?

Hij juicht omdat hij het beste, het diepste, het krachtigste, het meest vaardige en verhevene uit zichzelf heeft gehaald en dit gedeeld met de wereld Het was zijn levensopdracht om dit te doen en de wereld heeft ervan genoten. Vandaar het applaus en de toejuichingen na afloop.
Hij dankt zijn tegenstander, omdat hij door die sterke, stimulerende, inspirerende tegenkracht nóg dieper in zichzelf moest duiken om nóg beter te presteren. Hij en zijn tegenstander hebben elkaar tot de grootst mogelijke hoogten gebracht.
Aan het eind van de strijd wordt ‘dit beste, dit hoogste, dit diepste uit zichzelf halen’ uitbundig gevierd. Men viert het leven zélf, in al haar kracht en schoonheid.
Zonder een sterke tegenstander zou dit diepe, dit hoge, dit sterke, dit geweldige presteren niet mogelijk geweest zijn. Vandaar ook de dankbaarheid naar de tegenstander die in diepere zin een medestander blijkt te zijn die tegenwicht biedt.

Nou is er enige verwarring geslopen in het concept ‘winnen en verliezen’.

Ego is er op een slinkse manier (want dat doen Ego’s) in geslopen, heeft de schoonheid hiervan gekaapt, en heeft bedacht dat competitie en concurrentie draait om het idee dat ‘ Ik win’ en ‘de ander verliest.’
Ego kunnen we in dit geval definiëren als de gedachte in ons die eeuwig naar erkenning zoekt via de buitenwereld, via de ander, om een innerlijk gat in zichzelf te vullen dat per definitie onvulbaar is.

Ego leeft vanuit een tekort.

Deze naar erkenning en waardering smekende gedachte verheugt zich in hoge mate in één gedachte in het bijzonder: ‘Ik ben beter dan de ander.’
Dus als een sporter sneller rent dan de anderen dan zegt Ego niet alleen ‘Ik ren sneller dan de anderen’, maar het zegt vooral ‘Ik bén beter dan de anderen.’ Ik ben niet alleen een betere renner, maar ik ben een beter mens.

Beter zijn dan de ander.
Beter zijn als mens.
Dat is Ego aan het woord.

Een sporter die het beste uit zichzelf haalt dankt zijn tegenstander, omdat die hem heeft geholpen iets nóg mooiers en nóg krachtigers uit zichzelf te halen. De tegenstander dankt hém om dezelfde reden.
Ego veracht de tegenstander, wil dat die verliest, en dat hij zélf wint ten koste van die tegenstander. Lukt dit niet dan gaat Ego schelden, vechten en vernielen, omdat Ego zichzelf miskent voelt als hij verliest.
Ieder Ego leeft vanuit minderwaardigheidscomplexen. Ego poogt deze complexen te overcompenseren niet alleen door zichzelf te verheffen via overwinningen, maar vooral door de tegenstander te kleineren, te vernederen tot iets wat minder is dan hij zelf.
Hoe minder of hoe lager de ander, hoe beter of hoger Ego zichzelf vindt.
Dit is wat tegenwoordig competitie en concurrentie inhoudt, zowel in sport als in zakenleven en politiek.

De schoonheid is veranderd in gif.

Een uitzondering hierop zijn de van oorsprong Aziatische sporten als judo en karate waarbij we het respect voor de tegenstander terug zien. Ook tijdens de Olympische Spelen zien we mooie voorbeelden van wat echte sport vermag.
De van oorsprong Europese (Engelse) sport voetbal toont vaak het tegenovergestelde en is inmiddels volledig gekaapt door Ego gedachten. Hier gaat ook verreweg het meeste geld in om waarin Ego zich weldadig wentelt.

Wat te doen?

Het gaat erom het wezen van concurrentie en competitie terug te brengen in de sport, de politiek, het onderwijs, de samenleving. Het biedt de geweldige mogelijkheid elkaar te inspireren om steeds beter te worden in het gebied waar onze talenten en kwaliteiten liggen.
We hebben elkaar nodig op alle gebieden.
We hebben elkaar nodig om onszelf nóg beter, bewuster, liever, krachtiger, mededogender te maken, zodat we deze geschenken kunnen delen met anderen teneinde onszelf en de wereld mooier te maken.
Laten we daarom voortdurend in competitie en concurrentie met elkaar zijn en het idee dat ik beter ben dan jij en jij beter bent dan ik achter ons laten.
Zo kunnen overwinningen gevierd worden als zijnde het overwinnen van onze beperkingen, het verruimen van ons bewustzijn en het eren van het krachtige leven.
En zo kan verlies geaccepteerd worden als respect naar de tegenstander die ons heeft geholpen het op dit moment beste uit onszelf te halen en te tonen dat het nóg beter kan. Waardoor het woord ‘verliezen’ zijn betekenis verliest.

Dit in de wetenschap dat wij als personen, als mensen, altijd gelijkwaardig ZIJN, maar dat we altijd kunnen leren van de ander die, op dit moment, iets beters DOET dan wij.

Het verschil zien tussen DOEN en ZIJN.

Op deze wijze kunnen we onmetelijke vreugde scheppen in dit leren en groeien.
Zelfs als kind op school.
Dit is namelijk competitie en concurrentie zonder het ego: het schept vreugde, kracht en dankbaarheid.
Competitie-concurrentie is in diepste en meest waarachtige zin een prachtige uiting van liefde, kracht en mededogen waarbij onze tegenstander onze medestander is die we bestrijden.
Op het scherpst van de snede.
Zonder pijn.
Zonder Ego.

PS.
Voor iedere Hij kan hier ook Zij gelezen worden. Enz.

313. De rede. En het gemis aan de rede in discussies en politiek.

‘Je kunt de rede niet gebruiken om iemand te overtuigen van een argument waar de ander de rede niet voor heeft gebruikt.’
Neil deGrasse Tyson

Bijvoorbeeld :
Je bespreekt met iemand de vluchtelingenstromen.
Wanneer je de rede gebruikt, ga je uit van feiten, onderzoek, kennis en rationele argumenten.
Het gezonde verstand spreekt en je weegt de feiten tegen elkaar af. In het ideale geval.
Maar stel nou dat je gesprekspartner (om wat voor reden dan ook) een angst heeft voor vreemdelingen, voor alles wat niet vertrouwd en bekend is, en dat hij dit niet beseft.
Dan zal zijn argumentatie niet gebaseerd zijn op de rede, maar op zijn angst.
Hij discussieert dan op een manier met als onbewust doel om zijn angst in stand te houden.
Met de rede kun je hem dus niet bereiken, aangezien zijn onbewuste angst in de weg zit.
Zijn angst is ook niet bespreekbaar, want onbewust.
Conclusie: een open gesprek is niet mogelijk in dit geval.

TER VERGELIJKING
Probeer eens een open gesprek te voeren op basis van de rede met iemand die gelooft in complottheorieën.
Dat gaat je niet lukken, aangezien onder het geloof in de complottheorie vaak onverwekte pijn en emoties verborgen zitten die niet bewust gemaakt zijn en hierdoor de onbewuste drijfveer worden voor de meest wilde verhalen die niet gebaseerd zijn op de rede.
De rede ontbreekt dus, terwijl de persoon in kwestie zichzelf wijs maakt dat hij de rede gebruikt.
Sterker : degenen die geloven in complottheorieën beschouwen zichzelf vaak als superieur aan de ander die blind is voor hùn ‘waarheid’.
Die houding van superioriteit verbergt de pijn die eronder zit en die daarom onbespreekbaar is.
Een houding van superioriteit en minderwaardigheid zijn beide twee kanten van dezelfde medaille en hebben dezelfde emotionele wortel: onbewuste pijn.

OVERWEGING
Ik heb het idee dat dit fenomeen van de niet erkende verdrongen emoties, en daardoor het gemis aan de rede, een grote rol speelt in de huidige polariserende tijden, gesprekken, discussies en debatten.
De rede kan slechts bloeien bij de gratie van een bewust gemaakt innerlijk gevoelsleven.
Laten wij daarom vooral bij onszelf te rade gaan.
Opdat ons denken, voelen en handelen het met elkaar eens zijn.

312. Man/Vrouw/Enz.

Vroeger was alles, naar onze huidige maatstaven, eenvoudig.
Neem het onderscheid tussen man en vrouw. Je keek naar de uiterlijke geslachtskenmerken en klaar is Kees/Trien.
Dat er daarnaast ook nog homo’s en biseksuelen bleken te bestaan, compliceerde de zaak, voor sommigen, aanzienlijk, maar het voordeel was, voor sommigen, dat er niet werd getornd aan de vaste tweedeling man – vrouw.

Sinds enige tijd ligt dit wat anders.

Met de opkomst van de genetica gold voortaan iemand met XX-geslachtshormonen als vrouw
en iemand met XY-geslachtshormonen als man.
Zo, dat was ook weer duidelijk, voor sommigen.
Toen bleek echter dat niet iedereen met XY-chromosomen zich als man ontwikkelt. Zo ook voor de vrouw.

Hoe verder?

Belangrijker dan die XY-chromosomen zijn de genen op deze chromosomen. Die bepalen namelijk of je testosteron aanmaakt en of je lichaam dat hormoon kan herkennen en verwerken Door genvariaties kunnen mensen ondanks hun XX- of XY-chromosomen allerlei seksekenmerken ontwikkelen.
Er bestaan zo’n 43 variaties van intersekse.
Iets meer dan de vroegere 2 dus.
Denk aan de combinatie van een vagina en inwendige teelballen. Of bijvoorbeeld wél eierstokken, maar geen baarmoeder en vagina.
Conclusie:
Het onderscheid tussen man en vrouw is niet zwart – wit.

Is dit een probleem?

Nee, dit is geen enkel probleem. Dit is heel natuurlijk. Net zo natuurlijk als een zwarte, bruine, gele, rode of witte huidskleur. Iemand IS zo.
Het probleem ontstaat als er sprake is van seksisme ten aanzien van alles wat niet is in te delen binnen de binaire man – vrouw benadering.
De keuze die hierin lijkt te bestaan is de volgende : Kies je voor de werkelijkheid die Nu gebeurt?
Of kies je voor het denkbeeld in je hoofd dat niet overeenkomt met de werkelijkheid van dit moment?
Hiermee stuiten we op een universeel verschijnsel waarbij we ons de volgende vragen kunnen stellen: Leven we in het enige moment dat werkelijk bestaat? Namelijk DIT moment.
Of leven we met onze gedachten in het verleden of de toekomst? Die niet bestaan in de werkelijkheid, alleen in onze gedachten.
Anders gezegd : leef je in de realiteit of in de illusie?
Nog anders verwoord: leef je in waarheid of in leugen?
Het woord ‘waarheid’ is een zwaar beladen woord, maar het is simpelweg datgene wat nu gebeurt, zonder bijgedachten, meningen, oordelen of denkbeelden hierover.
Kunnen we naar onszelf, naar anderen en naar het leven kijken zonder dat we onze gedachten, onze beelden ertussen schuiven?
Kijk naar iemand, naar je partner, vriend of vreemde. Wat/wie zie je? Zie je hem/haar echt?
Of kijk je via het, vaak onbewuste, beeld in je hoofd dat gebaseerd is op voorbije ervaringen?
Dit laatste is de oorzaak van ieder onbegrip, relatieprobleem, conflict en oorlog.

Wij zien de ander niet, omdat we onszelf ook niet zien.

De waarheid is:
De Wereld bestaat niet.
Wij bedenken Haar.
Iedere tel weer.

Om dit nog wat preciezer te verwoorden :
De wereld zoals we die kennen komt voort uit oneindig bewustzijn.
Maar de wereld ontleent haar uiterlijke verschijning aan onze beperkte, eindige gedachten.

Ik zou zeggen : We zijn onderweg.
Gewoon oefenen blijven.
En niet teveel denken.

Veel plezier! ❤️