19. Ramadan

Stralend van licht komt ze de klas in: “Mees, ik vast!”
Het is ook altijd wat met die moslims. Gaan ze een maand niet eten, zijn ze dolblij.
Denk ik.
Afijn, ik ken mijn jonge pappenheimers en zeg belangstellend: “Tjonge, wat leuk zeg!”
Het programma gaat echter voor en ik wil verder met de les. Maar ook enkele anderen komen dolblij op me af en roepen: “Meester, ik vast!”
Licht in een maaltijdloze maand, althans, overdag.
Iedere Ramadan herinner ik me weer hoeveel moslims er zijn in de klas. Ze vasten vrijwel allemaal. Stelletje egoïsten: de schoolkantine doet slechte zaken.
Het is onrustig aan het begin van de les. Ze willen hun ei kwijt (dat ze toch niet opeten, denk ik grappig). Natuurlijk zijn er klasgenoten die het maar raar vinden, dat niet eten. Dit vraagt om een tegenaanval, vindt de andere club. Felle argumenten, stemverheffing, stijgende emotie. Wie wint?
Midden in deze woestijn van schreeuwend onbegrip blijft ze zwijgen: Zakiah, mijn leerling, mijn bron, mijn licht, mijn moskee van stilte.
Ze is zestien van buiten, moslim, Marokkaanse, hoofddoek, grappig en lief.
Ze is zestig van binnen, moslim, Marokkaanse, hoofddoek, barmhartig en wijs.
De woestijn van niet luisteren gaat intussen door in de klas. Geschreeuw, geroep, schelden, intimideren, aanvallen. Vrijheid van meningsuiting, wát een verworvenheid van de Westerse maatschappij! Ik gebied streng om stilte. Stil.
“Wie weet wat vasten écht betekent?”, vraag ik.
Zakiah wacht af. Geen leerling weet het. Of ze roepen dat ze de armen helpen of punten krijgen voor de hemel, maar niemand meent het, niemand weet iets.
Er is nog hoop: Zakiah.
Ik vraag: “Maar wat betekent vasten nu écht?”
Zakiah ziet, weet, dat als de storm is uitgeraasd, de zoektocht naar water begint.
Alle ogen gaan naar de bron. Zestien jaar.
En ze spreekt:
“Vasten is niet alleen niet eten, het is veel meer. Volgens een Hadith, een overlevering uit het leven van de Profeet Mohammed, vragen volgelingen hem wat ze moeten doen tegen de vele bedreigingen die ze krijgen van tegenstanders. Moeten ze terugslaan? Terugvechten? Moorden? Ze kunnen toch niet zomaar over zich heen laten lopen?”
De Profeet zegt:
“Als ze je lastigvallen, bedreigen, naar het leven staan, zeg dan: ‘Ik vast’. Niet alleen met eten, maar ook met mensen, met verleidingen, met je emoties, met situaties, met ruzie, met onrechtvaardigheid, met alles. Zeg: ‘Ik vast’ en ga niet op de verleiding in. Laat ze en vervolg de juiste weg. Dat is genoeg.”

Muisstil is de klas.
Als het donker is, is een kaars genoeg.
De les kan beginnen,
en het vasten,
en de vrede.

Het is ook altijd wat met die moslims.

Plaats een reactie