220. Vechtpartij en gebakjes

In de Appie aan de Choorstraat staat een jongeman met een blikje Redbull in zijn wild bewegende hand te schreeuwen dat die klotemeiden bij de kassa’s hun grote bek moeten houden, want hij pakt wel meer Redbull hier en nooit zegt iemand hier wat van dus wat zitten jullie hier nou te kankerzeuren, teringhoeren!
(einde citaat).
Als hij door het uitgangspoortje naar buiten wil stormen, ga ik voor hem staan met mijn doosje met twee gebakjes stevig in mijn knuisten geklemd, als een dierbaar kleinood.

Dan gaat hij volledig los.

Duwen, trappen, slaan, en daarna de voorspelbare gekwetst hatende, levenslang aanwezige, machteloze Oerschreeuw:
JIJ MOET NIET AAN ME ZITTEN!!!
JIJ MOET NIET AAN ME ZITTEN!!!
Enz. Enz. Enz. Enz. Enz.

Terwijl ik opmerk dat mijn voorheen zo genadeloze en meedogenloze ju-jitsu-, karate -, en judovaardigheden niet geheel tot volle bloei komen in dit gevecht, doemt er plotseling uit het niets, achter het inmiddels buiten zinnen zijnde halfmens-halfbeest, een Engel op van twee meter hoog en een meter breed.
Op het moment dat ik in de rij boodschappenkarretjes hang, pakt mijn Beschermengel zwijgend, met volkomen ontspannen, en zelfs nonchalant, gelaat de schreeuwende trapper beet, trekt diens armen op de rug, waardoor de gevangene muurvast komt te zitten, in zijn wurgende armhoudgreep.
De manager komt meteen aangerend, gaat breeduit tussen mij en de Redbullgrijper in staan en vraagt belangstellend en bezorgd :
‘Gaat het goed met u, meneer?’
‘Ja, dat gaat wel hoor, dank je’, antwoord ik dankbaar.
Hij doet mij vriendelijk uitgeleide, terwijl mijn Engel de briesende Duivel nog steeds kalm, bijna verveeld, maar geroutineerd armwielklemmend vasthoudt.

En zo kwam het dat ik op deze rustige maandagochtend met mijn vermorzelde gebakjes naar mijn wekelijkse gespreksochtend bij Clasien de l’Ecluse fietste.
Alwaar de troostende koffie gezellig pruttelend op mij wachtte.

Het is 2023!
We zijn begonnen!

Een gedachte over “220. Vechtpartij en gebakjes

Plaats een reactie