277. Wens

Wat vindt u het mooiste ter wereld om te zien en wat raakt u het diepst?
De Mona Lisa?
Gezicht op Delft?
Brigitte Bardot ?
De Himalaya?
Een beginnend sneeuwklokje?
De Niagara Watervallen?
Een nette map met notulen?
Uw hond?
Uw eigen gezicht?
Pieter Omtzigt?

Ik vind: een blij spelend kind.

Ik heb een wens.
Ik wil in een kogelvrije trein rijden die volledig bepantserd is. Die trein bestaat uit drie delen en negentig wagons en wordt geëscorteerd door militaire helikopters en vliegtuigen. In het voorste deel zitten veiligheidsagenten die het spoor en de stations controleren op bommen en andere gevaren. Het achterste deel is gevuld met lijfwachten en proviand. In het middenstuk zijn vergaderzalen, audiëntieruimtes, slaapkamers, sateliettelefoons en flatscreentelevisies voor briefings.
Deze trein is bestemd voor de Noord-Koreaanse leider Kim Jong-un waarmee hij gister aankwam in Rusland voor een bezoek aan Vladimir Poetin (Ziet u de heren voor zich? Hun gezichten? Lichamen?).
Ik ga dan met Kim en Vlad in dat middenstuk van die trein zitten en op mijn bevel rijden we dan naar een dorpje waar blije kinderen spelen op straat.
Dan zeg ik:
‘Kijk, heren.
En voel.’

Na de nodige tijd zeg ik:
‘Ziet u, heren, zoo doe je dat nou.’
Dan huilen ze, Kim en Vlad.
Hun tranen spoelen de innerlijke wonden schoon en helen de pijnlijke plekken van waaruit al hun ontkenningen, angsten, oorlogen en blindheid eeuwenlang iedere tel werden geboren en die alles hebben vernietigd aan leven, samenspelen, lachen en gelukkig zijn.
Daarna worden ze doodmoe, Kim en Vlad.
Doodmoe van al hun vergeefse pogingen om hun innerlijke pijnen via woede en haat naar buiten te gooien waardoor ze probeerden deze pijnen zelf niet te voelen. En te dénken dat de oorzaak van hun angst en pijn bij de ander lag, buiten hen, daar waar zij zelf niet zijn.
Na hun tranen en doodmoeheid hebben ze eindelijk de moed om uit de gepantserde trein te stappen, waarna ze op straat op hun knieën vallen en de blije spelende kinderen smeken om de vergeving van hun blindheid.
Waarna de kinderen roepen :
‘Komen jullie meespelen?
Dan kunnen jullie lachen!’

Ik overhandig daarna aan Kim en Vlad rode ballonnen.
Uit dankbaarheid delen ze de ballonnen uit aan de kinderen die hun daarna leren hoe je moet leven, samenspelen, lachen en gelukkig zijn.
Ik blijf alleen achter in de trein, rijd hem persoonlijk naar het einde van het heelal, en stort hem daar in het diepste, zwarte gat dat de trein niet alleen opslokt in het Niets, maar geheel evaporeert, waardoor de trein niet alleen niet meer bestaat, maar nooit zal bestaan en nooit heeft bestaan. Iedere herinnering aan de trein is onmogelijk geworden.
Dan keer ik terug en zie overal op aarde rode ballonnen opstijgen die jubelend lachen :
‘Wij zijn vrij! Eindelijk vrij!’
De kinderen op straat, zij halen hun schouders op en verzuchten :
‘Dat waren wij altijd al. Komen jullie nou eindelijk meespelen? Net als Kim en Vlad!’
Kim en Vlad staan blij te wenken naar de mensen: ‘Doen jullie mee? Dan gaan we leven, samenspelen, lachen en gelukkig zijn!’
En alle mensen klateren als uit één mond:’ Jaaaaa!!’

Op dat moment is mijn wens vervuld, mijn taak volbracht en het mooiste ter wereld tot leven gewekt. Nu kan ik eindelijk voldaan achterover leunen op de bank met een zak sliertjes en een fles cassis in mijn woning met gloednieuwe leidingen en glimmende radiatoren.
Rest mij nog te wensen dat u het blije kind dat u bent in u zelf moge voelen, koesteren en buiten laat spelen.
Hij maakt tenslotte alles zacht wat verhard is.
Zij ook.

2 gedachten over “277. Wens

Geef een reactie op Dick Stammes Reactie annuleren