384. Denk je nog wel eens aan Bonifatius?

Bonifatius ken ik al sinds de geschiedenislessen van de lagere school.
Althans, zijn naam, het jaartal, de moord en de plaats zijn altijd blijven hangen:

754, Bonifatius bij Dokkum vermoord.
(Op 5 juni).

Het behoort tot mijn nutteloze feitenkennis die geen enkele invloed heeft op mijn dagelijks leven maar die toch bijna mijn hele leven al hardnekkig blijft hangen.
Dit geldt ook voor de beste tijden van Ard Schenk in 1968 en de doelpunten in de Europa Cup 1 finale van Manchester United tegen Benfica in datzelfde jaar.

Nutteloos en plezierig gaan goed samen.

Nog effe over Boni:
Bonifatius had al in 716 geprobeerd die eigenwijze Friezen met hun veelgoderij te overtuigen dat er toch echt maar één God was, namelijk die van hem, en dat het toch echt beter was die te aanbidden in plaats van die veelheid aan Germaanse goden. Het lukte Boni niet. Dus probeerde hij het aan het eind van zijn leven nog een keer, toen hij al tachtig jaar was.
Je moet er maar zin in hebben op je ouwe dag. En dat had ie.
Hij ging met zijn volgelingen naar een doopfeest in Dokkum, maar werd onderweg door de Friezen vermoord.
Bonifatius probeerde zich nog te beschermen door een (ongetwijfeld heilig) boek voor zich te houden, maar ook dit heilige mocht niet baten. Hij werd begraven in de door hemzelf gestichte Abdij van Fulda in Duitsland waar ook het beschadigde boek is te zien. Althans, men probeert bezoekers ervan te overtuigen dat dit werkelijk het boek is dat de moord tevergeefs probeerde te voorkomen.
Meteen na zijn dood werd Bonifatius heilig verklaard door de Paus, want zo fideel was de pontif toch ook wel weer.

AFSCHUW EN BEWONDERING
Het is niet mijn ‘pakkie an’ , die christelijke missionarissen en hun bekeringsdriften, maar toch heb ik bewondering voor ze.
Dat heb ik ook voor die genocidepleger Jan Pieterszoon Coen.
Ik bewonder uiteraard niet de christelijke missie met haar dogmatiek en geweld en ik verafschuw uiteraard de genocide, maar wat ik bewonder is hun moed om het onbekende tegemoet te treden. Je moet maar durven met misdadigers als bemanning op jouw schip, dan over woeste oceanen naar het andere eind van de wereld te varen, en gebieden te betreden waar geen westerling ooit was geweest.
Dit soort mannen werd dus gedreven door iets enorm krachtigs dat ze de moed gaf de wereld te bereizen en onbekende gebieden te ontdekken, en tegelijkertijd waren diezelfde kracht en moed verbonden met een gewelddadig fanatisme, een racistisch superioriteitsdenken en een verbijsterende moordzucht die tot de bloedigste slachtpartijen en volkerenmoorden heeft geleid uit de menselijke geschiedenis.

Waren ze maar laf en bang geweest, dit soort moedige en wrede mannen.
Hoe zou het dan gegaan zijn?

Nou ja, het is bekend dat ze wel degelijk doodsbang waren, want onze zeehelden annex zeepiraten dronken meerdere flessen wijn per dag om de angsten en zenuwen eronder te houden.

Nieuwe hypothese:
Het overmatige alcoholgebruik om angsten te verdringen is de aanwakkering van het wrede kolonialisme.
Met ‘een borreltje voor de gezelligheid’ namen de moordenaars geen genoegen.
Anders hadden ze die wilde wereldzeeën nooit durven bevaren.

Ter nader wetenschappelijk onderzoek.

Plaats een reactie